WOORDEN VAN FRANCISCUS EN CLARA:
De broeders moeten zich verheugen wanneer zij leven tussen waardeloze en verachte mensen, armen en gebrekkigen, zieken en melaatsen en bedelaars langs de weg.
Naamloos document

DEKEN ROESSTRAAT 13
3581 RX UTRECHT
T 030 232 40 80
F 030 232 40 81
E PROVINCIALAAT@FRANCISCANEN.NL

Mijn vriend

Bron: werkgroep katholieke jongeren, www.wkj.nl

 

Jij, mijn vriend.
Ik was op zoek naar U,
Maar ik zag U naar mij toekomen.
Ik wilde naar U toe rennen,
Maar ik zag U naar mij toe rennen.
Ik wilde U zoeken,
Maar U was reeds op zoek naar mij.
Ik dacht : “Eindelijk, ik heb U gevonden”,
Maar ik was door U gevonden.
Ik wilde U zeggen: “Ik houd van U”,
Maar ik hoorde U zeggen: “Ik houd van je”.
Ik wilde U kiezen,
Maar het was U die mij reeds gekozen had.
Ik wilde U schrijven,
Maar Uw boodschap was al bij mij aangekomen.
Ik wenste in U te leven,
Maar ik ontdekte dat U in mij leeft.
Ik wilde U om vergeving vragen,
Maar U had mij al vergeven.
Ik wilde U mijn leven schenken,
Maar ik kreeg het Uwe.
Ik wilde u roepen: “Mijn Heer!”,
Maar ik hoorde dat U tegen mij zei: “Mijn vriend”.

webdesign: www.art-is.nl