WOORDEN VAN FRANCISCUS EN CLARA:
De broeders moeten zich verheugen wanneer zij leven tussen waardeloze en verachte mensen, armen en gebrekkigen, zieken en melaatsen en bedelaars langs de weg.
Naamloos document

DEKEN ROESSTRAAT 13
3581 RX UTRECHT
T 030 232 40 80
F 030 232 40 81
E PROVINCIALAAT@FRANCISCANEN.NL

Roepingsverhaal Rangel Geerman

Rangel GeermanBroeder Rangel Geerman ofm, 33 jaar, woont in Megen, werkt parttime in zorgcentrum De Maashorst en ook in de wijk. Daarnaast heeft hij een aantal taken in de communiteit rond de keuken, liturgie, jongerenwerk en Br. Everardus.

1. Kun je in één zin zeggen wat volgens jou ‘roeping’ is?

Geraakt zijn door liefde, die vanuit de bron van het hart komt.

2. Wanneer ben je broeder geworden en waarom?

In 1996 ben ik begonnen, het was het juiste moment voor mij na twee jaar contacten te hebben gehad met de Franciscanen. Eerst was er een onrust in mij, maar dat werd een verademing nadat ik eindelijk stappen naar de broeders gezet had.

3. Wie of wat is er stimulerend voor je geweest om je weg te gaan?

God, Christus’ mens-zijn voor mij. Ik ben katholiek opgevoed, thuis werd het geloof metterdaad beleefd. Iedere morgen en avond bad mijn moeder met ons. Ook weet ik nog dat op de dag dat ik voorgoed zou intreden mijn moeder nog een gebed heeft gedaan voor mijn verdere leven. Geloof was vanzelfsprekend. Op school kreeg ik les van zusters Franciscanessen en Paters Dominicanen. Als kind was ik misdienaar, later vice-president van de Acolieten en misdienaars, ik was actief in het jongerenveld van de parochie. Weer later werd ik in het parochiebestuur gekozen om aandacht te kunnen geven aan de godsdienstles op de scholen in onze parochie. Ik ging veel bij zieke mensen thuis de communie brengen en vaak ging ik bij de mensen thuis bidden. Maar ik miste iets in mijn leven en daarom trok het mij aan om naar het klooster te gaan, zeker toen ik Franciscus leerde kennen.

4. En wie of wat hield je er aanvankelijk vanaf?

In de bedrijfswereld van de verzekeringen en het actieve werken in mijn eigen parochie leefde ik niet authentiek een diepgaand leven. Ik had vooral behoefte aan stilte waaruit ik zou kunnen leven.

5. Waarom ben je vandaag de dag broeder?

Omdat mijn verlangen naar God en het zoeken naar God blijft. Ik zie mijn leven als een weg om dieper bij mijn verlangen te komen, een weg van uitzuivering. Bij mooie en vreugdevolle momenten word ik geraakt door het geheim van God. Ik wil Franciscaan blijven en zo verder leven.

6. Wat betekent God voor jou als broeder?

De Vader die de weg wijst. Hij spreekt tot mij en schenkt mij zijn liefde. Hij is de Vader die tot mij zal komen. Daarom is mijn leven zo waardevol, omdat het God de Vader is die mij iedere dag laat zien wie ik werkelijk ben en wie ik voor Hem moet zijn. Leven vanuit de diepte.

7. Maak de volgende zin af: “Een wereld zonder broeders is als……”

Een volgepropt leven van materie zonder kwaliteit van hoop op biddend leven.

8. Mijn levensmotto is:

Boete doen, d.w.z. steeds meer in de juiste verhouding leren staan met God, anderen en mezelf, want hierin heb ik nog veel te leren.
 

webdesign: www.art-is.nl